Posts

Posts uit 2010 tonen

De geestelijke en menselijke kant van de kerk

Ook bij David Heek kom je in zijn blog ‘ Interview 2 ’ twee kanten van eenzelfde mediale (de kerk) tegen. Op de vraag ‘Houd je eigenlijk wel van de kerk?’ antwoord David: “ ‘Absoluut, maar dan bedoel ik de geestelijke kant: het lichaam van Christus. Maar die andere, menselijke kant, dat systeem, die vaak opgelegde manier van doen, die haat ik! Daar ben ik uiterst kritisch op, juist omdat het het lichaam van Christus is. ” De kerk heeft een geestelijke kant en een menselijke kant. Die geestelijke kant vormt principieel gezien geen tegenstelling met de menselijke kant. Over die menselijke kant mag en moet je wel kritisch zijn, omdat het risico bestaat dat de gerichtheid op Christus ontbreekt. Maar laten we oppassen om de geestelijke kant en de menselijke kant (standaard) als tegenpolen van elkaar te zien. In de (zondige) praktijk kunnen die twee kanten wel zomaar tegenpolen van elkaar worden. En ja, in de kerk komt het helaas voor dat de geestelijke kant en de menselijke kant een tegens

Gods werk en mensenwerk in de kerk

In de kerk komt Gods werk én mensenwerk bij elkaar. Je kunt bij het nadenken over de kerk de Bijbel als uitgangspunt nemen. Hoe God tegen de kerk aankijkt (‘van boven’). En je kunt over de kerk nadenken door deze ‘van beneden’ te bezien. De benadering ‘van boven’ en die ‘van beneden’ horen bij elkaar, moeten met elkaar verbonden worden en zijn niet te scheiden van elkaar. Ze vormen principieel gezien geen tegenstelling. Het wordt pas een tegenstelling als het mensenwerk niet gedaan wordt vanuit een gerichtheid op Christus, door de Geest. Deze tweeslag (van boven en van beneden) zie ik ook in de blog ‘ David Heek stoort me ’ van Jos Douma. Jos zegt daar o.a. dit over: “ Het kan toch niet zo zijn dat kerkdiensten, waar zoveel energie in wordt gestoken, van nul en generlei betekenis zijn voor de opbouw van Christus’ gemeente? Het kan toch niet zo zijn dat kerkdiensten alleen maar het plichtmatig afwerken van een orde van dienst is? Kom op, David, je hebt toch theologie gestudeerd, en je

De Geest, genade verandert de kerk

Eten, bidden en beminnen . Daniel & Tanja de Wolf gebruiken deze woorden als een synoniem voor radicaal discipelschap. Radicaal discipelschap als sleutel om als kerk aansluiting te vinden bij onze samenleving. “Ik zou christenen, inclusief mezelf, willen uitdagen om meer op Jezus te lijken en van hem vervuld te zijn. Jezus at met mensen (…). Hij bad tot de Vader. Hij beminde deze wereld.” Maar hoe komen wij tot radicaal discipelschap? Door Jezus na te volgen, maar hoe doe je dat? Radicaal discipelschap is het leven van de Geest in onszelf. Navolging is worden als God . Laten we ons uitstrekken naar de Geest zodat hij van ons discipelen, navolgers maakt. Er is innerlijke (geestelijke) vernieuwing nodig. David Heek ’s beeld van de kerk is: “Kerk zijn is ‘eat, pray, love’. Eten, bidden, beminnen. That’s all.” Een kerk dus waar sprake is van een gemeenschap (eten), waar we van elkaar houden (beminnen) en wij voor elkaar bidden (bidden). Dit beeld van de kerk vindt David niet of o

Kerk in de 21e eeuw

Afbeelding
In het afgelopen weekend las ik het boek ´eten, bidden, beminnen´ (oorspronkelijke titel: eat, pray, love) van Elizabeth Gilbert uit. Ik was al in het boek begonnen voordat de titel een eigen (religieus) leven ging leiden. De titel kwam ik tegen in het interview met David Heek (gepubliceerd in het ND van 27 november: ‘ Amos uit Spakenburg ’). David Heek gebruikte de titel van het boek om daarmee de kerk te typeren: “ Onrustige zielen willen thuiskomen bij God, maar dat niveau halen we niet in de kerk. En dan al die energie voor dat ene uurtje kerkdienst. Terwijl het daar niet om gaat. Kerk zijn is anders, draait om eenvoud. Kerk zijn is ‘eat, pray, love’. Eten, bidden, beminnen. That’s all ”. Het interview bracht nogal wat digitale pennen in beweging. Afgelopen week kwam er zelfs een heuse weblog beschikbaar waarop allerlei reacties zijn samengebracht: ‘ Weer kerk zijn in de 21e eeuw, eten bidden beminnen ’. In deze reacties kreeg David Heek niet alleen bijval. Wel was er eensgezin

Meningsverschillen in de kerk

Ds. Jacob Glas schrijft in de Reformatie [1] over (menings)verschillen in de kerk. Verschillen die als verdeeldheid worden ervaren. Maar zijn meningsverschillen in de kerk een symptoom van ‘verdeeldheid’? Is verdeeldheid een synoniem voor meningsverschillen? Zijn verschillen per definitie verkeerd? Bedreigen verschillen de eenheid in de kerk? Glas zegt er dit over: “Het doet er niet toe wanneer christenen onderling van mening verschillen over allerlei zaken die het christelijk leven of het kerkelijk samenleven betreffen waarvoor God geen geboden heeft gegeven. (…) Wat er echt toe doet is of je denken en handelen gericht zijn op de Heer. Het gaat om je hart, je motivatie. Niet jouw standpunt is belangrijk, wel waarom je dat standpunt hebt.” Dus als in een gemeentevergadering de uitslag van een stemming ongeveer evenveel voor- als tegenstemmers oplevert, is daarmee niet gezegd dat dit een teken is van verdeeldheid in de gemeente. Dat weet je pas nadat je voor- en tegenstanders hebt

Jezus op bezoek in GKv

In mijn blog ‘ Oude tijden herleven ’ schreef ik dat God en mensen nog steeds dezelfde zijn. Wat voor het OT geldt, geldt ook voor de tijd die beschreven is in het Nieuwe Testament (=NT). De mens uit het OT is niet anders dan de mens uit het NT. In dit verband moet ik denken aan een tweet van Jan Meijer: “ Benieuwd hoe wij als GKv zouden reageren wanneer Jezus in cognito op bezoek kwam op de manier zoals Hij dat 2000 jaar geleden deed… ” Als wij (mensen van onze tijd) niet wezenlijk verschillen van de mensen uit de tijd van Jezus, dan kunnen we de evangeliën openslaan om zo te ontdekken hoe wij zouden kunnen reageren. De kerk in Jezus’ dagen doodde Jezus na drie jaar publiekelijk optreden. Hoe zouden wij (kerk van onze tijd) reageren als Jezus bij ons op bezoek komt? Zelfs als Jezus niet in cognito op bezoek komt? Nu komt Jezus niet als mens op bezoek in de GKv. Wel is Jezus door zijn Geest aanwezig. Ook mogen wij Jezus zien, ontmoeten in andere mensen. Hoe reageren wij als Jezus o

Oude tijden herleven

Onze tijd verschilt niet wezenlijk van de tijd zoals beschreven in het Oude Testament (=OT). God wilde omgaan met zijn volk Israël, onder zijn volk wonen. En Israël vervreemdde steeds weer van God en liep de afgoden (namaakgoden) achterna. God wil omgang met mensen, maar de mens wil (van nature) geen omgang met God. Vooral het boek ‘ Namaakgoden ’ van Tim Keller laat mij zien hoe actueel (van deze tijd) afgoderij is. Veel voorbeelden die Keller ter illustratie van namaakgoden gebruikt, zijn uit het OT: Jakob met Rachel en Lea (love is niet all you need), Naäman (succes als verzoeking), Nebukadnessar (de macht en de heerlijkheid), Jona (de verborgen afgoden in ons leven) en Jakob’s worsteling bij Peniël (het einde van namaakgoden). Keller vertaalt deze voorbeelden naar vandaag en maakt daardoor het OT actueel. Oude tijden herleven. Er is niets nieuws onder de zon. Waarom niet? God en mensen zijn niet veranderd. Het zit in elk mens om voor zichzelf te gaan en daarmee dus namaakgoden

Verhouding Bijbel en cultuur

Ik schreef op deze weblog het nodige over de cultuur en beïnvloeding vanuit de cultuur. Ik las in het rapport deputaten kerkelijke eenheid een mooi stukje over cultuur en de verhouding tussen Bijbelse voorschriften en de cultuur. Mooi ook in de zin van evenwichtig, recht doen aan beide kanten, niet denken in tegenstellingen. In het rapport is het volgende te lezen. ‘De verhouding tussen Bijbelse voorschriften en de cultuur is er overigens niet per definitie een van confrontatie, maar kan twee kanten op. Het Woord van God staat haaks op elke cultuur (de patriarchale van het oude Israël, de rationalistische van de vorige eeuw en de postmoderne van vandaag de dag), maar kan anderzijds ook aansluiting vinden bij en ingang vinden in elke cultuur.‘ ‘De tijdgeest, welke dan ook, kan vijand zijn van het Evangelie, maar kan anderzijds ook dienstknecht van datzelfde Evangelie zijn. De heilige Geest stelt elke tijdgeest onder kritiek, confronteert zich ermee en doorlicht elke tijdgeest tot o

Deputaten DKE en de doop

Recentelijk kwam mij het rapport deputaten kerkelijke eenheid (DKE) van de GKv onder ogen. In dit rapport beschrijven de deputaten voor de generale synode van 2011 (Harderwijk) de contacten met o.a. de Christelijke Gereformeerde Kerken en de Nederlands Gereformeerde Kerken. In dit rapport nemen de deputaten als bijlage een notitie op over de leer van de doop, Heilige Geest, kerk en avondmaal. De deputaten schrijven o.a. het volgende: “In prediking en onderwijs moet glashelder uitkomen wat een gereformeerde kerk op dit punt gelooft en leert. Tegelijk blijft het belangrijk om het geloof te zien, het hart te peilen en de motieven te proeven van wie zich laten overdopen en hen niet te drijven in consequenties die ze zelf niet (willen) trekken. ” Het gaat mij nu vooral om “(…) en hen niet te drijven in consequenties die ze zelf niet (willen) trekken.” Ik vraag mij af wat de deputaten nu met deze zin bedoelen. Betekent dit dat de deputaten niet voor het toepassen van een ‘ onttrekking m

Geen opwekking zonder berouw

Reinier Sonneveld schrijft in ‘Het goede leven’ over een opwekking. Wat is een opwekking eigenlijk? Wikipedia geeft daarop een antwoord. Ook Reinier beantwoordt die vraag en wel zo: “(…) de periodes dat de kerk uit een geestelijke dood opstond, meer dan ooit weer Jezus gingen bewonderen en vol van hem werd.” Het antwoord van Keller op die vraag is: “Hij (AG: Richard Lovelace) leerde ons dat de opwekkingen plaatsvonden toen predikers mensen tot het inzicht brachten, dat het grootste deel van hun leven zelfrechtvaardiging was. Veel christenen aanvaarden wel dat ze gered zijn door genade en niet door werken, maar weten niet hoe het uitwerkt in hun leven. Op het moment dat christenen er echter achter komen wat de gevolgen zijn van het nieuwe leven, is dat heel bevrijdend en resulteert dat in een moment van vernieuwing.” Reinier schrijft dat elke grote opwekking begint met berouw. “We hebben het fout gedaan en het moet radicaal anders. Zonder zo’n diep ervaring van zonde zal er nooit mee

Zelfrechtvaardiging en (zelf)reflectie

In mijn blog ‘ zelfrechtvaardiging ’ schreef ik over de oorzaak van niet onderscheidend gedrag bij protestanten managers. Zelfrechtvaardiging is de oorzaak volgens de schrijfster (Marieke Meijer-van Abbema) van het artikel ‘Leiden zonder jezelf te rechtvaardigen’. Het artikel reikt ook een middel voor een oplossing aan: (zelf)reflectie. Nu is zelfrechtvaardiging niet een exclusief ‘voorrecht’ voor protestanten managers. Het is de ‘standaardinstelling’ van ons allemaal. Het middel is dus niet alleen voor managers of geestelijke leiders van belang, maar voor iedereen. Het middel is dat wij “(…) misleidende patronen van zelfrechtvaardiging gaan opdiepen”. Dat betekent dat wij onszelf observeren en eigen gedachtepatronen onderzoeken. Marieke geeft aan, dat wij zodra iets van irritatie of spanning de kop opsteekt, onderliggende patronen omhoog moeten halen om zo te ontdekken waar wij op dat moment onze identiteit op baseren. Die onderliggende patronen mogen wij (vervolgens) bij God brenge

Zelfrechtvaardiging

In het ND van 18 november 2010 staat het artikel ‘Leiden zonder jezelf te rechtvaardigen’ (op pagina 12). Het artikel roept bij mij nogal wat herkenning op, omdat het zaken aan de orde stelt die ik ook op diverse blogs bij de kop had. Het artikel gaat over de vraag: “ Hoe kan het dat het hanteren van een christelijke visie op leidinggeven niet tot onderscheidend gedrag leidt? ” Uit onderzoek blijkt namelijk dat protestantse managers minder mensgericht zijn dan niet-christelijke managers. "En dat lijkt in tegenspraak met begrippen als dienstbaarheid (...), investeren van je leven voor anderen (...). Hoe kan het dat het hanteren van een christelijke visie op leidinggeven niet tot onderscheidend gedrag leidt?" Is dit niet (min of meer) dezelfde vraag als die van Sieds de Jong : "zouden christenen het eigenlijk niet beter behoren te doen dan niet-christenen?" De schrijfster (Marieke Meijer-van Abbema) denkt dat een belangrijke oorzaak ligt in het feit dat de kerk a

Radicale levensstijl

Ds. Sieds de Jong staat stil bij de stelling van Keller: “De kerk is een ziekenhuis voor zondaars, geen museum voor heiligen.” [1] Het gaat in de kerk om genade voor zondaars. Deze stelling staat in het gedeelte waar Keller ingaat op het veel gehoorde bezwaar tegen het christelijke geloof dat christenen zich vaak in negatieve zin onderscheiden van niet-christenen. [2] De Jong merkt op dat de kerk meer is dan de hierboven genoemde typering. Het gaat in op de vraag: “zouden christenen het eigenlijk niet beter behoren te doen dan niet-christenen?” “Anders gezegd: zou het niet wat radicaler mogen?” De Jong schrijft dat hij in Gods Woord een niet mis te verstane radicaliteit tegenkomt. Hij noemt als bewijs daarvoor de teksten: Hebreeën 12 : 14 , Matteüs 5 : 46 – 47 , Efeziërs 4 : 20 , Matteüs 25 : 1 – 2 en 1 Petrus 4 : 2 . De conclusie van De Jong is dat de kerk óók een revalidatiecentrum is waar herstel plaatsvindt. De kerk óók een plek is waar mensen radicaal veranderd wórden. De kerk

(Zelf)reflectie (2)

In mijn vorige blog schreef ik over (zelf)reflectie. Ik wil er nog wat over zeggen. Ik denk dat we reflecteren moeilijk vinden. Het is veel gemakkelijker om de splinter in het oog van die ander te zien dan te reflecteren en de balk in je eigen ogen op te merken. Zodra je begint over die splinter (bij die ander) zonder eerst jezelf eerlijk te onderzoek, moet er (denkbeeldig) een bel bij je gaan rinkelen. Zonder hulp van buitenaf is het ook heel moeilijk om namaakgoden te ontdekken. Gelukkig geeft God ons hulpmiddelen: Gods Geest, Gods Woord en geestelijke broers/zussen (gemeente). Eerlijk en serieus zelfonderzoek zal dus biddend, met een geopende Bijbel en al luisterend naar God en mensen moeten gebeuren. Er is nog iets wat reflecteren moeilijk maakt. Keller schrijft dat namaakgoden verkeerde overtuigingen bij je op (kunnen) wekken. Afgoden kunnen je een eigen herinterpretatie van de werkelijkheid geven. Wantrouw daarom je overtuiging. Wees daarom voorzichtig met jouw kijk op de we

(Zelf)reflectie (1)

Wij hebben allemaal last van namaakgoden (afgoden). “(…) ze verschuilen zich in ieder mens.” Iedereen zondigt en de drijfveer achter onze zonden zijn namaakgoden. Keller geeft in zijn boek ‘Namaakgoden’ aan dat wij de afgoden moeten opzoeken, moeten herkennen. Als we onze afgoden herkennen, krijgen we oog voor de invloed die deze namaakgoden uitoefenen op ons hart. Met andere woorden, we zullen in de spiegel moeten kijken. Aan (zelf)reflectie moeten doen. Ik vraag mij af of wij ons wel bewust zijn hoe belangrijk het is om te reflecteren als persoon, maar ook als gemeente, als kerkenraad, etc. Hoe vaak kijk je in de spiegel? Hoe vaak kijkt de gemeente, de raad in de spiegel? Reflectie is nodig om onze namaakgoden op het spoor te komen. Zonder noemenswaardige (zelf)reflectie zullen de namaakgoden in ons leven, in de gemeente, in de raad stilletje hun gang gaan. Keller schrijft dat de invloed van namaakgoden in ons leven teruggedrongen kan worden door ze op te zoeken en ze te vervang

Kernprobleem is gebrek aan verbondenheid

Toen ik de blog ‘Verbondenheid is hét middel tegen secularisatie’ schreef, viel mij iets op. • Tim Keller gebruikt de gelijkenis van de verloren zoon om het grootste probleem van de kerk toe te lichten. Het kernprobleem is geestelijke lauwheid en gebrek aan vitaliteit van ‘oudste zonen’ in de kerk. Oudste zonen zijn vervreemd van het vaderhart van God. Ze kennen geen levende verbondenheid met God. [1] • Maris zegt dat het behoren bij de kerk zijn betekenis verliest als christenen niet een levende verbondenheid kennen met Christus. Het gebruikt daarbij het beeld van de kerk als een lichaam. [2] • Schaeffer beantwoordt vervolgens de vraag hoe wij de secularisatie in de kerk het hoofd moeten bieden. Het antwoord is: De oplossing voor een geseculariseerde kerk en wereld is God en mens samen, God en mens als bondgenoten. God en mensen horen bij elkaar, zijn met elkaar verbonden (verbond). [3] De analyse van Schaeffer is feitelijk dezelfde als de opmerking van Maris en de analyse va

Antwoord aan reactie Anoniem

In deze blog reageer ik op een anonieme reactie bij mijn blog ‘ Een gehandicapte kerk ’. Hoewel ik dat wel ‘lastig’ vind. Reageren op een anoniem iemand. Waarom reageren mensen eigenlijk anoniem ? In de reactie staat dat hij/zij mijn blogs verwijtend vindt overkomen op gemeente, kerkenraad, dominee en (sommige) gemeenteleden. Nu gaan (nagenoeg) al mijn blogs niet over onze gemeente, kerkenraad, dominee en gemeenteleden. Zo heb ik nagedacht en geschreven over wat Tim Keller ziet als het grootste probleem van de kerk. De kerk dus in het algemeen. Ik laat in het midden in hoeverre de inhoud van deze blog van toepassing is op onze gemeente. Ik schreef wat prof. Maris daarover gezegd heeft. Ook dan gaat het over de kerk in het algemeen. Ik maakte een uitzondering op de regel dat mijn blogs niet gaan over onze gemeente en wel in de blog ‘ Schapen zonder herder ’. Daar verwijst de anonieme lezer ook naar in zijn/haar reactie. In die blog laat ik de lezer in mijn hart kijken en geef ik aan h

Verbondenheid is hét middel tegen secularisatie

Hans Schaeffer schrijft in de Reformatie [1] over ‘God en mens als bondgenoten’. Hij gaat in dit artikel in op ds. Wildschut [2] die stelt dat het kernprobleem van de secularisatie concreet wordt in het feit dat in veel opzichten in het kerkelijke leven binnen de GKv niet langer God in het middelpunt staat, maar de mens. Het gaat in dit artikel over “zorgen over de kerk, zorgen over de levenshouding van kerkleden die schijnbaar moeiteloos kernwaarden van onze cultuur als vrijheid, zelfontplooiing, en geluk overnemen.” Hoe moeten we dit tij keren? Volgens Schaeffer niet door ons erop te richten, dat wij als kerkleden in toenemende mate seculariseren. Het basisidee achter secularisatie is kortweg: God en mens zijn concurrenten. “De secularisatie is gebaseerd op een dilemma: God of de mens (…) en dan wordt het dus ‘de mens centraal’.” Vatbaar voor cultuurinvloeden zijn wij al sinds de zondeval en dat is dus niet het kernprobleem van deze tijd. Een oplossing is ook niet het tegenov

Een gehandicapte kerk

In de GSEv-bundel ‘Opdat zij allen een zijn’ staat een lezing van prof. Dr. J.W. Maris met de titel “Geestelijke groei en de eenheid van de kerk’. In deze lezing stelt hij de vraag “ Hoe staat het er voor met de kerk? ”. Hij vervolgt zijn betoog met te zeggen dat deze vraag onlosmakelijk verbonden is met de vraag “ Hoe staat het er voor met de christenen? ” Kerk-zijn en christen-zijn hebben alles met elkaar te maken. In datzelfde verband zegt hij het volgende: “ Bij de kerk behoren is een groot voorrecht, maar dit verlies zijn betekenis geheel als de identiteit van het christen-zijn niet levend functioneert in gelovige verbondenheid met het hoofd (AG: Christus).” Vanuit het Bijbelse beeld gedacht van leden die verbonden zijn met het hoofd, is dit goed te begrijpen. Het hoofd is als het ware de regelkamer van het lichaam. De lichaamsdelen functioneren juist doordat ze verbonden zijn, aangestuurd worden vanuit het hoofd. Als zo’n verbinding tussen het hoofd en lichaamsdelen uitvalt of s

Het vollere evangelie van genade

Jos Douma is gestart met een prekenserie en het schrijven van blogs over de doop. In zijn blog ‘ Terugduwen in het doopwater ’ stelt hij de vraag of je in plaats van ‘je bent een zondaar, maar in Christus geheiligd’ niet beter kunt zeggen: ‘in Christus ben ik geen zondaar meer, maar een nieuwe schepping dankzij het vernieuwende werk van de Heilige Geest’. Kort samengevat: ben je een zondaar die geheiligd is of een heilige die zondigt? Jos benadrukt daarbij dat hij daarmee zeker niet wil beweren dat zonden en zondigen een gepasseerd station zijn. Ik schreef daar ook al blogs over en zei daarin o.a. dit: “ Maar hoe zit het met onze identiteit? Is onze identiteit die van een zondaar of wordt onze identiteit ten diepste bepaald door wie wij zijn in Christus? Ben ik een zondaar (identiteit) of een aangenomen kind van God (identiteit) die zondigt (gedrag)? ” Deze vraagstelling is verre van theoretisch. De vraag raakt juist de praktijk. Jos schrijft: “ Zit hier ook niet de pijn van heel

Hoe ga je er mee om?

“Niet wat je meemaakt is belangrijk, maar hoe je ermee omgaat.” Bemind – Henri Nouwen in gesprek van Philip Roderick

Oplossing grootste probleem van de kerk

Ik schreef in mijn blogs ‘ Grootste probleem van de kerk ’ en ‘ Oudste zonen en geestelijke lauwheid ’ over de toespraak van Tim Keller zoals hij die hield tijdens The Global Leadership Summit 2009. In deze toespraak schetste hij niet alleen het probleem, maar gaf hij ook een oplossing. Het probleem van geestelijke lauwheid en gebrek aan vitaliteit in de kerk (veroorzaakt door ‘oudste zonen’) moet volgens Keller bestreden worden door te komen tot een nieuw niveau van berouw en aanbidding. De Farizeeërs (oudste zonen) hadden berouw over hun zonden maar kwamen daarmee niet los van hun huichelarij. Het gaat om een dieper, nieuw niveau van berouw: spijt hebben over je motieven achter je goede daden. De oudste zoon moest spijt hebben over de motieven achter zijn gehoorzaamheid. Die gehoorzaamheid had niet de liefde voor de Vader als motief. Keller noemt nog een tweede ‘bestrijdingsmiddel’ tegen geestelijke lauwheid en gebrek aan vitaliteit: Kijk wat het kostte om de jongste zoon naar hu

Vernieuwen of overleven

“Zo ziet het leven eruit als je het van boven af bekijkt: al wat je doet is een kans om je hart te vernieuwen. Kijk je er van onderuit tegenaan, dan is het chronos: ik moet overleven, en daarvoor moet ik knokken.” Bemind - Henri Nouwen in gesprel Philip Roderick

Je bent al bemind

“Eenzaamheid is luisteren naar de stem die zegt dat jij bemind bent, is alleen zijn met Hem die zegt: ‘Jij bent mijn geliefde, ik wil bij jou zijn. Doe niet zo druk, ga niet aan iedereen bewijzen dat je geliefd bent. Je bent al bemind.’” Bemind - Henri Nouwen in gesprek Philip Roderick

Onzeker over jezelf?

“(…) als ons bezig-zijn voortkomt uit een diepe onzekerheid over onszelf, is het niet zeker dat het ten dienste staat van het Rijk van God.” Bemind – Henri Nouwen in gesprek Philip Roderick

‘Oudste zonen’ en geestelijke lauwheid

Keller zegt in zijn toespraak tijdens The Global Leadership Summit 2009 dat ‘oudste zonen’ denken invloed te hebben op God. Ze denken te worden toegelaten bij God door gehoorzaam te zijn. ‘Oudste zonen’ gehoorzamen God om wat het oplevert in plaats van te gehoorzamen om wie Hij is. God is daarmee een middel geworden in plaats van een doel. Hun positie bij God is gebaseerd op hun prestatie. ‘Oudste zonen’ zijn vaak onzeker of ze zelf wel goed genoeg zijn voor God. Daarbij zijn ze veelal star naar anderen. Hun zelfrespect (identiteit) ligt niet in Christus maar is gebaseerd op hun idee dat ze een goed mens zijn. Ze kunnen slecht omgaan met kritiek, omdat dat hun raakt in hun zelfbeeld. ‘Oudste zonen’ (evenals de ‘jongste zoon’ voor zijn bekering) zijn vervreemd van God. Ze willen wat van de Vader in plaats van dat ze de Vader zelf willen. Voor ‘oudste zonen’ is Jezus wel een voorbeeld, maar niet hun verlosser. Het is het verschil tussen religie en relatie (evangelie). Het gevolg van dit

Grootste probleem van de kerk

In mijn blog ‘ Schapen zonder herder ’ had ik het over de situatie in onze kerkelijke gemeente. Als ik daar nog eens over nadenkt, roept dat bij mij de vraag op wat nu het grootste probleem is van de kerk en onze gemeente? Dat is een vraag waar ook Tim Keller bij stilstond in zijn toespraak tijdens The Global Leadership Summit 2009. Wat is nu het grootste probleem van de kerk? Wat zouden mensen, ambtsdragers antwoorden als je ze die vraag zou voorleggen? Wat is het grootste probleem van onze gemeente? Er zijn mensen in de gemeente die ‘evangelische invloeden’ (wat zouden ze hier mee bedoelen?) als hét probleem van onze gemeente zien. Maar is dat werkelijk het grootste probleem? Keller zegt er dit over: “Geestelijke lauwheid, gebrek aan vitaliteit is nog steeds het grootste probleem.” Maar wat verstaat Keller onder geestelijke lauwheid? Keller geeft in zijn toespraak een diagnose waar die geestelijke lauwheid uit bestaat. Die diagnose vind ik best verrassend. Hij gebruikt voor zijn

Herinnert de kerk ons aan wie we zijn?

“De christelijke gemeenschap is een gemeenschap van mensen die elkaar herinneren aan wie en wat ze werkelijk zijn: de geliefden van God.” Bemind - Henri Nouwen in gesprek Philip Roderick

Schapen zonder herder

Ik las laatst over Jezus die in een boot voer naar een stille plaats om alleen te kunnen zijn met zijn discipelen. Maar als hij daar aankomt, treft hij opnieuw grote groepen mensen aan. Hongerig op zoek naar Gods goede nieuws. Het evangelie van het Koninkrijk. Op zoek naar de Godmens Jezus. Of stonden ze hem op te wachten vanwege alle wondertekenen? Jezus voelde medelijden met deze mensen, “omdat ze leken op schapen zonder herder”. Toch hadden deze mensen wel geestelijke leidslieden (herders). Hoezo schapen zonder herder? Het riep bij mij de vraag op: Hoe kijkt Jezus naar ons gemeente? Ziet hij daar ook schapen zonder herder, ondanks predikant, ouderlingen en diakenen? ….. Ja, ik denk dat er in onze gemeente groepen mensen als schapen zonder herder zijn. ……. En mensen die hongerig op zoek zijn naar Gods goede nieuws, naar Jezus en deze niet of maar beperkt lijken te vinden in onze gemeente. Ik heb de moed opgegeven (naar de mens gesproken) dat er (op korte termijn) verandering kom

Radicaliteit is nog niet zo gemakkelijk

Jezus vraagt radicaliteit. Dat blijkt in de praktijk nog niet zo gemakkelijk te zijn. Reinier Sonneveld schrijft in ‘ Streven naar het hoogste – dat haalbaar is ’: “We zien inderdaad vaak de status quo aan voor het volgen van Jezus.” De bestaande situatie wordt de norm, terwijl er een streven naar het hoogst haalbare zou moeten zijn (zonder door te slaan in perfectie). “Alleen enkele specifieke overtredingen, en altijd van wie weinig macht heeft, die klagen we aan. Afkeuring in een gemeenschap treft altijd een minderheid, en hierin is de kerk helaas geen uitzondering.” Je zou kunnen zeggen: we meten met twee maten . Met twee verschillende maten, terwijl wij dat niet zouden moeten doen. Ook gaat zonde vaak over ‘de ander’ en blijft algemeen. Daarnaast meten we soms met één maat, terwijl dat er meerdere zouden moeten zijn. We hanteren een algemene maat, terwijl het hoogste dat individueel haalbaar is, de maat zou moeten bepalen. De maat bij degene die vijf talenten heeft gekregen is

Radicaliteit: hoogst haalbare - perfectie

Ik las in Het Katern van het ND van 3 september het artikel ‘ Streven naar het hoogste – dat haalbaar is ’ van Reinier Sonneveld. In genoemd artikel schrijft hij over Jezus die van ons vraagt perfect te zijn. “Jezus vraagt van ons het onmogelijke.” Daarom staan wij schuldig tegenover God en hebben wij genadige vergeving van onze zonde nodig. Dat betekent volgens Reinier dat het christelijk ideaal onhaalbaar is. Ons leven is altijd een compromis. Maar is dit geen zwaktebod? Jezus vraagt toch van ons radicaliteit? Ja, een compromis is een zwaktebod als wij op zoek gaan naar een algemene ondergrens, het minimale. Ja, Jezus vraagt van ons radicaliteit. Reinier schrijft dat de Bijbel ons oproept te streven naar het hoogste dat individueel haalbaar is. ‘Wie veel gegeven is, zal veel worden gevraagd.’ Dat hoogst haalbare kan echter ook doorslaan in een streven naar perfectie. “Grenzeloos perfectie nastreven, levert meer kwaad op dan je eigen grenzen kennen. Daarom zijn compromissen gezond

Door genade getinte glazen

Afbeelding
Ik vind ‘Genade, wat een wonder!’ van Philip Yancey een heel mooi boek. O.a. daarom nog een citaat in lijn met de vorige twee blogs. Yancey stelt in zichzelf de vraag: “Hoe ziet een begenadigd christen eruit?” Hij vervolgt dan zo: “Misschien moet ik de vraag anders stellen: Hoe kijkt een begenadigd christen?” “Naar mijn mening draait het leven van de christen niet in eerste instantie om ethiek of regels, maar om een nieuwe manier van zien. Ik ontsnap aan de kracht van de geestelijke ‘zwaartekracht’ als ik mijzelf ga zien als een zondaar die God door geen enkele methode van zelfverbetering of zelfverruiming kan behagen. Pas dan kan ik mij tot God wenden om van buitenaf geholpen te worden – om genade – en tot mijn verbazing ga ik dan inzien dat een heilige God mij reeds bemint ondanks mijn tekortkomingen. Ook ontsnap ik aan de zwaartekracht als ik zie dat mijn naasten, ook zondaren, door God bemind worden." ”Hoe ziet een begenadigd christen eruit? “Een begenadigd christen is

Door genade genezen ogen

Afbeelding
Met ons oog zoeken naar de genade die de Here aan anderen geschonken heeft! Daarvoor heb je een genadebril nodig. Anders gezegd: daar heb je door genade genezen ogen voor nodig. Philip Yancey schrijft in ‘Genade wat een wonder!’ daar mooie dingen over. Hij schrijft dat diepe verschillen een soort vuurproef voor genade vormen. Yancey verwijst daarbij naar Jezus (hoe kan het ook anders) en schrijft daar het volgende over. “Als Jezus een met schuld beladen persoon liefhad en hem hielp, dan zag Hij in hem een dwalend kind van God. Hij zag in hem een menselijk wezen dat geliefd werd door zijn Vader en over wie Hij bedroefd was omdat hij de verkeerde kant opging. Hij zag hem zoals God hem oorspronkelijk bedoeld had en daarom keek Hij door de uiterlijke laag van smerigheid en vuil heen naar de werkelijke mens die daaronder schuil ging. Jezus vereenzelvigde de persoon en de zonde niet (AG: de zonde wel haten, maar de zondaar liefhebben), maar Hij zag de zonde als iets van buitenaf, iets wat

Een genadebril

In het ND van zaterdag 28 augustus las ik het artikel ‘ Buijs tot voorzitter CGK-synode gekozen ’. Om allerlei redenen trok dit artikel mijn aandacht. Het artikel viel mij o.a. op door de mooie woorden die er in opgetekend zijn. Ds. Quant, één van de synodeleden, deed een oproep om ondanks verschillen te zoeken naar “wat ons als ambtsdragers samenbindt”. Een begrijpelijke oproep, omdat in de CGK sprake is van grote onderlinge verschillen. Het artikel vervolgt: “Hij mediteerde over Handelingen 11 , waarin ‘bruggenbouwer’ Barnabas naar de gemeente in Antiochië trekt en daar ‘genade’ aantreft. Laten de synodeleden elkaar ook bekijken door deze genadebril, zei Quant, en niet elkaar beoordelen op onderlinge verschillen.” Quant zegt verder: “Echte eenheid in de synode zal ontstaan wanneer ons oog bij de andere broeders gaat zoeken naar de genade die de Here aan hen heeft geschonken. Dat zal geestelijke herkenning en een geestelijke band geven.” Natuurlijk geldt de oproept van ds. Quant n

Japanse namaakgoden

In het ND van afgelopen zaterdag (28 augustus) staat een artikel dat een mooie illustratie vormt bij het boek ‘ Namaakgoden ’ van Tim Keller : Japan: het evangelie in een stresscultuur . In het artikel vertelt een Japanse predikant van de Grace City Church uit Tokio ‘over de bevrijdende kracht van het evangelie in een maatschappij waar succes een verslindende afgod is.’ “Veel mensen offeren alles op aan hun werk. Je moet een goede baan hebben, je moet slagen, dat verwacht je omgeving.” In Japan is het werk een namaakgod van formaat. De predikant vertelt dat de wet in Japan lange werkdagen verbiedt. Waarom dan toch alles opofferen aan het werk? “Het is vooral de groepscultuur. Japanners denken vanuit de ander, wat die van je verwacht. Daar wil je aan voldoen.” Hoe komt het dat er zo weinig christenen zijn in Japan? “Een negatieve houding tegenover het christelijk geloof hoort bij het DNA van Japanners. Als christen ben je anders. Je verbreekt de eenheid van de groep.” “En het beeld i

Namaakgoden: een bijzonder boek!

Afbeelding
Waarom vind ik het boek ‘ Namaakgoden ’ van Tim Keller zo boeiend, zo bijzonder? Ik vind de definitie die Keller geeft voor een afgod bijzonder, verdiepend. Zonde, afgoderij associeerde ik veelal met slechte dingen zoals stelen, liegen, bedriegen, etc. Keller gaat echter een stap verder: het gaat bij afgoden of namaakgoden veelal over goede dingen, die ultieme, absolute waarde krijgen in je leven. Goede dingen die vergoddelijkt zijn. Het blikveld wordt zo veel groter. Ik moet niet alleen in de spiegel kijken om slechte dingen op te sporen, maar ook bij goede dingen is spiegelen noodzakelijk. Dat betekent ook dat afgaan op de buitenkant van dingen, daden, personen niet kan. Ook bij goede daden kan er sprake zijn van pure afgoderij. We moeten doorvragen om zo zicht te krijgen op drijfveren en motieven. Die geven de doorslag. Het is tot Gods eer of tot eer van namaakgoden. Keller bepaalt mij er weer bij hoe verwoestend het dienen van namaakgoden feitelijk is. Het dienen van namaakgod

Namaakgoden leiden tot misvorming

Afbeelding
Jos Douma haalt in zijn tweede preek over 2 Kor. 3 : 18 een uitspraak van Johan Cruyf aan: ‘ je gaat het pas zien als je het door hebt .’ Ik moest daar weer aan terugdenken bij het lezen van het boek ‘ Namaakgoden ’ van Tim Keller . Wij zijn verblind voor bepaalde zaken omdat namaakgoden zich goed kunnen verbergen en wij ziende blind kunnen zijn. Keller beschrijft het samenspel tussen persoonlijke, culturele en religieuze afgoden. Als Bijbels voorbeeld gebruikt hij daarbij Jona . Jona ergert zich kapot en is kwaad op de Heer als deze genade betoont aan de inwoners van Nineve. Maar hoe kan Jona nu zo kwaad zijn op God als deze genade en mededogen toont? Het antwoord (van Keller) is: Jona was verblind door zijn afgoden. “Is je hart in de greep van een afgod, dan spint die afgod een web van valse voorstellingen over succes en mislukkingen, geluk en verdriet. Hij geeft zijn eigen herinterpretatie van de werkelijkheid.” Jona had het niet door en zag het dus ook niet. Hij was ziende blind

Kerk en namaakgoden

Afbeelding
Het lijkt mij zinvol als een kerk nadenkt over wat er vanuit de cultuur op de kerk afkomt. De cultuur waarin wij leven te analyseren om zo haar (potentiële) afgoden op te sporen. Maar afgoderij kent allerlei vormen. Er is sprake van een afgoderijsysteem . Culturele afgoden vormen slechts één onderdeel uit dit systeem. Het is dus onvoldoende om alleen de culturele afgoden op te sporen zonder ook aandacht te geven aan persoonlijke en religieuze afgoden. Daarnaast beïnvloeden de verschillende afgoden elkaar ook nog eens. Een analyse van één onderdeel uit het afgoderijsysteem geeft nog geen zicht op het hele systeem. Daarnaast zal een kerk zich vooral ook druk moeten maken over de religieuze afgoden. De afgoden in ons geloof. Een kerk boet aan geloofwaardigheid in als ze wel waarschuwt tegen de culturele en persoonlijke afgoden en niet tegen de religieuze. De afgoderij zoals die binnen de kerk zich voordoet. Keller noemt in zijn boek ‘ Namaakgoden ’ de volgende vormen van religieuze

Oplossing tegen afgoderij

Afbeelding
Het is wel mooi dat Tim Keller in zijn boek ‘ Namaakgoden ’ uitgebreid beschrijft hoe afgoderij precies in elkaar steekt, maar is er ook een oplossing? Kan ik vrij worden van afgoderij? Nee, in dit leven zijn wij niet zonder zonde en de drijfveer achter onze zonde is afgoderij. De afgoden laten zich niet verwijderen. Is er dan helemaal geen hoop? Toch wel, er is een oplossing: Jezus Christus. Door Christus kan ik bevrijd worden van afgoden. De weg daartoe beschrijft Keller in genoemd boek. Die weg loopt via het zoeken van de afgoden en deze vervangen door de enige ware levende God. Keller tekent daarbij aan dat het hierbij niet gaat om een algemeen geloof in God. “Dat hebben de meeste mensen wel, terwijl hun ziel toch door afgoderij geteisterd wordt. Wat we nodig hebben is een levende ontmoeting met God.” Zoeken : Iedereen heeft last van afgoden; “ze verschuilen zich in ieder mens”. We zullen ze dus moeten opzoeken, moeten herkennen. Onszelf moeten bevragen om zo helder te krijgen o

Het probleem van namaakgoden

Afbeelding
Wat is nu het probleem van namaak- of afgoden en afgoderij? Tim Keller geeft in zijn boek ‘ Namaakgoden ’ talloze voorbeelden vanuit de praktijk en de Bijbel welke problemen er achter afgoden wegkomen. Welke ellende namaakgoden veroorzaken. Hier een korte bloemlezing van problemen en ellende zoals beschreven in genoemd boek. Keller schrijft dat namaakgoden (uiteindelijk) altijd teleurstellen, omdat ze niet kunnen geven wat alleen God kan geven. Namaakgoden hebben een verwoestende invloed bijvoorbeeld op relaties. Namaakgoden veroorzaken allerlei psychologische problemen, “doordat we van goede dingen afgoden maken die we onder controle willen houden en die ons dan het vel over de oren halen.” We worden beheerst door de heer van ons leven. Die heer kan een namaakgod zijn of God. Namaakgoden maken een verslaafde van je en een verslaafde maakt vaak domme en destructieve keuzes. Namaakgoden kunnen je een vals gevoel van veiligheid geven. Namaakgoden kunnen je een verwrongen zelfbeeld gev

Namaakgoden in allerlei soorten en maten

Afbeelding
Keller noemt in zijn boek ‘Namaakgoden’ een hele lijst categorieën van afgoden. Van theologische afgoden, seksuele afgoden tot culturele afgoden. Ook deelt hij de afgoden in in groepen. Zo schrijft Keller over de indeling ‘ diepe afgoden ’ en ‘ oppervlakkige afgoden ’. Bij diepe afgoden gaat het om je drijfveren en temperamenten. Deze afgoden zijn actief op een dieper niveau, in je hart. Keller denkt daarbij aan: ultieme vormen van macht, bevestiging, comfort en beheersbaarheid. Oppervlakkige afgoden zijn de meer concrete en zichtbare afgoden: geld, je partner, je kinderen, etc. Met deze oppervlakkige afgoden zoeken de diepe afgoden naar vervulling. Zo kan de afgod geld (oppervlakkige afgod) als drijfveer hebben macht maar ook comfort of beheersbaarheid (diepe afgoden). Keller stelt dat het geen zin heeft de oppervlakkige afgoden aan te pakken. De diepe afgoden moeten worden aangepakt. Zij vormen immers de drijfveer achter de oppervlakkige afgoden. Een andere indeling is die van

Alles kan een namaakgod zijn

Afbeelding
Ik las laatst het boek ‘ Namaakgoden ’ van Tim Keller . De ondertitel van het boek is: ‘De lege beloften van geld, seks en macht, en de enige werkelijke hoop.’ Keller legt in dit boek uitgebreid uit wat wij moeten verstaan onder namaak- of afgoden en afgoderij. Afgoden zijn volgens Keller (veelal) goede dingen – zoals een geslaagde carrière, liefde, materiële bezittingen, het gezin zelfs – die door een mensenhart worden veranderd in ultieme zaken. “Ons hart vergoddelijkt deze dingen en maakt ze tot centrum van ons leven. We denken dan dat die dingen zin en zekerheid en vervulling zullen schenken als we ze hebben.” Iets wat op zichzelf genomen goed is, krijgt ultieme waarde toegedicht, vormt een absolute waarde. Afgoderij is: “Alles wat belangrijker voor je is dan God, alles wat je hart en verbeelding meer in beslag neemt dan God, alles wat je zoekt om ervan te ontvangen wat alleen God kan geven.” “Is er iets dat voor je geluk, de zin van je leven en je identiteit van fundamenteler

Genade is de oplossing

Zonde en genade hebben veel met elkaar te maken. Zonde zou je het probleem kunnen noemen en genade de oplossing . Probleemstelling en oplossing horen bij elkaar. Genade is de oplossing voor het probleem van de zonde. Zonder heldere probleemstelling (zonde) zal je ook niet uitkomen bij een goede oplossing (genade). Zonde en genade staan in een bepaalde verhouding ten opzichte van elkaar. Ik denk dat het belangrijk is om goed zicht te hebben op de juiste verhouding tussen zonde en genade. Zo kun je veel nadruk leggen op en aandacht geven aan de zonde. Maar je kunt zoveel aandacht besteden aan de zonde, dat je vergeet dat Gods genade overvloediger is dan de zonde diep is. Zonde buigt zomaar je blikrichting af naar jezelf (zondig als je bent) om daarna bij jezelf te blijven stilstaan. Je moet (vervolgens) van je af zien en je richten op Christus. Alleen bij hem is genade verkrijgbaar. Focus op Christus. Niet de zonde heerst in het leven van de gelovige, maar de genade (Christus). We

Niet alleen woorden maar ook daden

In het ND van zaterdag 19 juni staat een column van Gerard de Korte: ‘Oecumene van het hart’. Hij schrijft in zijn column over een dialoog “over de snelle veranderingen in kerk en samenleving”. En over het worstelen met de vraag “hoe wij de rijkdom van Schrift en traditie kunnen doorgeven aan de nieuwe generaties”. Vervolgens schrijft hij het volgende: “In dat kader is het ontzettend belangrijk te laten zien dat de verbondenheid met Christus ook werkelijk het verschil maakt. Het is eigenlijk de vraag naar levensheiliging, naar werkelijk christelijk leven. Zien mensen nog aan onze wijze van leven dat wij van Christus zijn? Alleen als wij als christenen in daad en woord de relevantie van ons geloof in beeld brengen, zullen nieuwe mensen met ons mee willen gaan doen.” Ook Troost schrijft in ‘Spiritualiteit van ontvankelijkheid’ over dit onderwerp. Over het laten zien van een verbondenheid met Christus. Over levensheiliging . Over de relevantie van het geloof in beeld brengen. Hij ze

Vingerwijzing

Ik woonde deze week de diploma-uitreiking van mijn dochter bij. Aan het eind van die ceremonie vertelde Sjoerd Wijma een verhaal. Een verhaal over studenten die aan het eind van een aantal dagen survival de neiging hadden met een kromme rug en gebogen hoofd naar de punten van hun schoenen te kijken en voort te sjokken. Hierdoor werd hun blikveld heel beperkt tot alleen dat hele kleine stukje wereld om hun heen. Ze zagen hoogstens een schaduw van wat kwam. Juist door rechtop te lopen en vooruit te kijken ontstond er ruimte, een weidse blik, perspectief. Sjoerd vroeg aan de studenten (en de aanwezigen) zich dit beeld te herinneren als ze dreigen vast te lopen in zichzelf. Hij verwees daarbij naar Hebreeën 12 : 2 . Op het richten van je blik op Jezus. Ik was die dag begonnen met het lezen van Kol. 2 : 6 - 3 : 4 . Daar staat o.a. dit: “Als u nu met Christus uit de dood bent opgewekt, streef dan naar wat boven is, waar Christus zit aan de rechterhand van God. Richt u op wat boven is, niet

Gevoelscultuur: mannelijk én vrouwelijk

Afbeelding
Philip Troost schrijft in ‘ Spiritualiteit van ontvankelijkheid ’ over het mannelijk én vrouwelijk zijn van elk mens. “Van élk mens geldt dat hij of zij Gods beeld vertoont door mannelijk én vrouwelijk te zijn.” De mens is als evenbeeld van God geschapen: mannelijk en vrouwelijk schiep Hij de mensen ( Genesis 1 : 27 ). Het mannelijke en het vrouwelijke zijn volgens Troost “kwaliteiten of eigenschappen die in de mens schuilen”. Troost stelt dat in de traditionele kerken de hang naar meer vrouwelijkheid in het geloof nog vaak als iets negatiefs wordt gezien. “(…) de toonzetting blijft toch vooral die van het wijzen op de gevaarlijke kanten van de gevoelscultuur.” Troost geeft aan dat vanuit de insteek mannelijk en vrouwelijk, in onze cultuur het mannelijke al honderden jaren achtereen domineert. Ik denk dat de kerk daardoor onmiskenbaar is beïnvloed. “In plaats van vrouwelijke aspecten als voelen en ervaren steeds weer als een bedreiging te zien waar we behoedzaam en voorzichtig mee